Home      Onderwerpen      Schoon water      Waterkwaliteit      Hoe meet je waterkwaliteit?
Artikel

Hoe meet je waterkwaliteit?

De ene sloot is kraakhelder, de andere troebel en groen. In het ene meer zwemmen vissen, in het andere niet. Dat roept een logische vraag op: hoe weet je of water gezond is? Waterkwaliteit meten gaat verder dan kijken naar kleur of geur. De kwaliteit van water wordt bepaald door wat erin zit, hoe het stroomt én wat er leeft.

Waterkwaliteit is meetbaar met wetenschappelijke methoden, zoals wateranalyses en sensoren, maar ook via planten en dieren die in het water voorkomen. Juist die combinatie geeft een goed beeld. Daarom meten waterschappen, onderzoekers én burgers samen hoe het staat met het water.

Na het lezen van deze pagina weet je hoe waterkwaliteit meten werkt, welke methoden worden gebruikt en waarom meten zo belangrijk is voor natuur, gezondheid en schoon water in Nederland.
Vang de Watermonsters burgerwetenschappers
Foto: Nine Geertman

Waarom is het meten van de waterkwaliteit belangrijk?

Het meten van waterkwaliteit is essentieel voor mens en natuur. Schone sloten, meren en rivieren zijn de basis voor biodiversiteit. Waterplanten, insecten en vissen kunnen alleen overleven als de omstandigheden goed zijn. Ook ons drinkwater begint bij schoon oppervlakte- en grondwater.

In Nederland staat de waterkwaliteit onder druk. Te veel voedingsstoffen, chemische stoffen en klimaatverandering zorgen ervoor dat veel wateren niet gezond zijn. Door waterkwaliteit te meten, worden problemen zichtbaar. Metingen laten zien waar vervuiling vandaan komt en waar maatregelen nodig zijn.

Burgeronderzoek speelt hierbij een steeds grotere rol. Metingen door burgers vullen professionele data aan en maken het beeld completer. Zo ontstaat beter inzicht in de staat van het water en kunnen gerichter oplossingen worden ontwikkeld om de waterkwaliteit te verbeteren.

Waterkwaliteit meten

Waterkwaliteit wordt bepaald aan de hand van verschillende parameters. Geen enkele meting vertelt het hele verhaal. Pas door chemische, fysische en biologische gegevens te combineren ontstaat een compleet beeld van hoe gezond een waterlichaam is.

Chemische parameters laten zien welke stoffen in het water aanwezig zijn, zoals stikstof, fosfaat of bestrijdingsmiddelen. Fysische parameters gaan over temperatuur, doorstroming, helderheid en zuurstof. Biologische parameters kijken naar het leven in het water: planten, dieren en micro-organismen.

Samen geven deze waarden inzicht in de waterkwaliteit en in veranderingen door seizoenen, vervuiling of herstelmaatregelen. Er zijn drie hoofdmethodes om waterkwaliteit te meten.

  • Veldmetingen met sensoren
    Sensoren meten ter plekke basiswaarden zoals temperatuur, pH, zuurstofgehalte, geleidbaarheid en troebelheid. Moderne sensoren verzamelen continu data, waardoor veranderingen snel zichtbaar worden.
  • Laboratoriumanalyses
    Watermonsters worden in het lab geanalyseerd op stoffen zoals stikstof, fosfaat, zware metalen en pesticiden. Deze wateranalyses geven inzicht in vervuiling door landbouw, riool of industrie.
  • Ecologische en microbiologische metingen
    Onderzoekers kijken naar waterplanten, vissen en macrofauna. Een gevarieerde soortenrijkdom wijst op goede waterkwaliteit. Ook worden bacteriën zoals E. coli gemeten in zwem- en drinkwater.

In samenwerking met NIOO KNAW ontwikkelde Natuur & Milieu de dataviewer Waterkwaliteit waarin je de kwaliteit van water in jouw omgeving nauwkeurig kunt zien.

Wat zeggen planten en dieren over de waterkwaliteit?

Planten en dieren zijn belangrijke graadmeters voor waterkwaliteit. Onderwaterplanten groeien alleen bij voldoende licht en zuurstof. Hun aanwezigheid wijst vaak op relatief schoon water. Drijvend kroos daarentegen duidt meestal op een overschot aan voedingsstoffen, zoals stikstof en fosfaat.

Ook dieren vertellen veel. Een grote variatie aan insectenlarven, slakken, vissen en amfibieën wijst op een gezond ecosysteem. Als slechts enkele, sterke soorten overblijven, is dat vaak een teken van vervuiling of zuurstofgebrek.

Omdat planten en dieren reageren op langdurige omstandigheden, laten zij zien hoe het water er over langere tijd voor staat. Meer over verschillen tussen sloten, meren en grondwater lees je op de pagina Waterkwaliteit in sloten, meren en grondwater.

Voorbeeld: hoe waterschappen de waterkwaliteit meten

Waterschappen spelen een centrale rol bij het meten van waterkwaliteit in Nederland. Zij nemen regelmatig watermonsters in sloten, meren en rivieren. Deze monsters worden geanalyseerd op chemische stoffen zoals nutriënten, metalen en bestrijdingsmiddelen.

Daarnaast gebruiken waterschappen vaste meetpunten met sensoren die continu gegevens verzamelen over zuurstof, temperatuur en waterstand. In sommige gebieden worden ook drones ingezet om bijvoorbeeld algenbloei of troebelheid in kaart te brengen.

De meetgegevens worden vastgelegd en gedeeld met andere overheden en kennisinstituten. Een belangrijk kader hierbij is de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Waterschappen rapporteren hun metingen om te laten zien of wateren voldoen aan de afgesproken doelen.

Deze data vormen de basis voor beleid en maatregelen, zoals het aanpassen van waterbeheer, het verminderen van vervuiling of het herstellen van natuur. Meer hierover lees je op de pagina Beleid, organisaties en Kaderrichtlijn Water in Nederland.

Vang De Watermonsters burgerwetenschappers
Foto: Nine Geertman

Water op de Kaart

Waterkwaliteit meten is niet alleen iets voor professionals. Samen met NIOO KNAW lanceerde Natuur & Milieu het project Water op de Kaart, waarbij juist burgeronderzoek centraal staat. Een grote groep mensen meet de waterkwaliteit in hun eigen omgeving. Ze gebruiken eenvoudige methoden en meten steeds op een vaste plaats om veranderingen te kunnen monitoren.

De resultaten worden verzameld en geanalyseerd. Dit levert waardevolle informatie op over waterkwaliteit Daarnaast vergroot meedoen het bewustzijn: wie zelf meet, kijkt anders naar water in de buurt.

Samen meten voor een betere waterkwaliteit in Nederland

Professionele metingen door waterschappen en onderzoeksinstituten vormen de basis van het Nederlandse waterbeleid. Ze leveren betrouwbare en langdurige data over waterkwaliteit in Nederland. Toch kunnen zij niet overal tegelijk meten.

Burgeronderzoek vult deze metingen aan. Observaties van burgers zorgen voor extra informatie, meer meetlocaties en grotere betrokkenheid. De combinatie van professionele data en burgerobservaties geeft een vollediger beeld van de staat van ons water.

Samen meten betekent samen zorgen. Door kennis te delen en waterkwaliteit zichtbaar te maken, groeit het draagvlak voor maatregelen die nodig zijn om sloten, meren en rivieren gezonder te maken.

Wil je meer ontdekken over waterkwaliteit? Lees dan verder op de pagina Waterkwaliteit.