Groen in de stad vervult meerdere ecologische functies. Een belangrijke rol is bestuiving. Bijen en vlinders zijn actief in parken, binnentuinen en balkons. Zij bestuiven bloemen en houden voedselketens op gang.
Groen verkoelt op warme dagen. Planten verdampen water en zorgen dat straten, pleinen en gebouwen minder snel opwarmen. Dat maakt de stad leefbaarder tijdens hete zomers. Bomen, struiken en waterpartijen vangen regenwater op. Bij hevige buien stroomt het water daardoor minder snel het riool in. Dit vermindert wateroverlast. Groen maakt de stad tot leefgebied. Egels gebruiken tuinen en parken om te schuilen. Vogels vinden voedsel in struiken en inheemse planten. Insecten gebruiken bloeiende planten als voedselbron.
Daarnaast heeft stadsnatuur voordelen voor mensen. Groene wijken zijn rustiger en gezonder. Bewoners hebben minder stress, slapen beter en voelen zich meer verbonden met hun omgeving. Daarmee is biodiversiteit in de stad net zo belangrijk voor mensen als voor dieren en planten.